woensdag 26 maart 2014

2. Guide Gezelle: een aanwinst die we al hadden


Een bezoeker van de leeszaal Bijzondere collecties wees ons op een omissie in de catalogus. Door zijn opmerkzaamheid hebben we er nu opeens een bijzondere aanwinst bij, die we overigens al sinds 1958 in huis hadden. Toen ontvingen we als geschenk van Mr Van der Meulen een editie van Verzen van Guido Gezelle.

Verzen van Guido Gezelle (1901)
Het was een van de twee eerste uitgaven die van deze Vlaamse dichter bij uitgeverij L.J. Veen in Amsterdam verschenen. Gezelle werd middels deze bloemlezing - en door zijn bijna tegelijk verschenen bundel Laatste gedichten - in Nederland in rap tempo gepopulariseerd. Postuum, dat wel, want de dichter was overleden in 1899.

Verzen van Guido Gezelle (1901): exemplaar met op de titelpagina een verklaring van drukker en uitgever om het copyright te claimen bij het Ministerie van Justitie
Veen kreeg met Gezelle, zoals eerder bij Louis Couperus, een literaire grootheid in zijn fonds en zou tientallen edities van zijn werk verzorgen (zie daarover het boek van Jan Pauwels, 'Méér dan een mode-koorts'"Guido Gezelle en zijn postume uitgever Lambertus Jacobus Veen, 1901-1919, gepubliceerd in 2005). De KB bezit een exemplaar van de gewone editie van Verzen van Guido Gezelle uit december 1901, maar sinds 1958 dus ook een editie met op de titelpagina het jaartal 1902. 


Pracht-Editie van Guido Gezelle

Dat betrof de zogeheten 'Pracht-Editie', gedrukt op Hollands papier, gebonden door J. Brandt & Zoon, voorzien van een fotogravure naar een buste van de dichter en genummerd van 1 tot 100. Ook deze oplage verscheen, met een gewijzigde titelpagina, in december 1901. Boeken die aan het eind van het jaar verschenen kregen vaak al het volgende jaar als jaar van uitgave op de titelpagina om langer als 'nieuw' mee te kunnen. Het betreft dus niet een tweede druk (die verscheen pas in 1906).

Verzen van Guido Gezelle (1901)

Exemplaar 77

De KB had in de catalogus niet staan welk exemplaar aanwezig was en hoe bijzonder het was. Dit is nummer 77; het staat voorin het boek. De fotogravure is aanwezig, ook zijn de twee delen met gedichten in een leren band gebonden. Maar ná de titelpagina is, zoals in alle genummerde exemplaren, een origineel handschrift van Guido Gezelle ingeplakt. 

Oorspronkelijk wilde de uitgever een facsimile daarvan invoegen, maar tijdens zijn onderhandeling met de erven Gezelle, via de Vlaamse schrijver Stijn Streuvels, kwam hij op het idee een gedicht in handschrift toe te voegen. De erven verkochten uit de nalatenschap honderd handschriften (teksten uit de Laatste gedichten). In exemplaar 77 is het gedicht 'Loofgebouw' bevestigd: twee beschreven bladen, met vijf strofen. Het is een kladhandschrift, met vele gearceerde doorhalingen, gedateerd: '30/4/'97'.

Guido Gezelle, handschrift van 'Loofgebouw'  (1897): blad 1
Dankzij onze bezoeker is dit nu in de catalogus vermeld. Een 'gewoon' exemplaar van deze uitgave is zo, ineens, bijzonder geworden en we zijn een handschrift rijker waarvan onze catalogus niet aangaf dat we het hadden. Dat wil zeggen: onze catalogus vermeldde dit eerst wel, toen niet, en nu weer wel. De oorzaak daarvan is overigens eenvoudig: de beschrijving in de online-catalogus is niet aan de hand van het boek gemaakt, maar tijdens een omvangrijk retrocatalogiseringsproject overgenomen van het oude cataloguskaartje, en daarbij is de annotatie kennelijk geheel genegeerd, iets waarvoor je bij dit soort grote projecten altijd voor kunt vrezen en dat in de praktijk dan ook soms is gebeurd. In de online catalogus stond geen annotatie, maar op het oude cataloguskaartje in de zogeheten Leidse boekjes dat ik vanochtend nog even heb gelicht, stond die annotatie wel, zij het het minder uitvoerig dan we tegenwoordig zouden doen, namelijk: 'Bibliofiele uitgave met ingevoegd handschrift van de auteur'. 

Guido Gezelle, handschrift van 'Loofgebouw'  (1897): blad 2

Een nieuw genre?

Voor een bibliograaf is het een hele toer om al die verspreid geraakte handschriften van Gezelle te vinden, laat staan te beschrijven. Pauwels heeft in zijn boek een lijst opgenomen en daarin staat ook het KB-exemplaar keurig vermeld. (De lijst wordt nu bijgehouden door het Guido Gezellearchief in Brugge). Pauwels vertelt ook het verhaal over de totstandkoming van het boek in geuren en kleuren. Hij wijst er op dat uitgever L.J. Veen hiermee een nieuw genre uitvond: een literair werk met een oorspronkelijk blad handschrift erin.

Verzen van Guido Gezelle (1901)

Manuscript Edition

Vijf jaar na deze uitgave verscheen bij Houghton, Mifflin & Co in Amerika het verzameld werk van Henry Thoreau en het Nederlandse tijdschrift De Kroniek (1906) schreef: 'Iets nieuws - en mals - in de uitgave is, dat in elk der zeshonderd exemplaren een stukje manuscript van den schrijver zal worden gebonden'. Nieuw en mal, dat liet Veen zich niet zeggen, maar zijn protest is niet gepubliceerd. 
De Thoreau-editie werd door de Amerikaanse uitgever een 'Manuscript Edition' genoemd en de truc werd herhaald met andere schrijvers, zoals John Muir. Ook andere uitgevers brachten vervolgens zulke uitgaven op de markt. 


Nederlandse 'Manuscript-Editions'

Eind jaren zeventig en begin jaren tachtig publiceerde De Arbeiderspers luxe edities met handschriften, bijvoorbeeld van Gerrit Komrij's Verwoest Arcadië (1980): de KB heeft nummer 9. 
'Bibliofiele editie', met origineel handschrift van Gerrit Komrij: Verwoest Arcadië (1980)
En het genre bestaat nog steeds. Uitgeverij De Bezige Bij maakte in samenwerking met De Slegte Antwerpen een reeks luxe uitgaven van moderne romans met daarin een fragment origineel handschrift. Van Tommy Wieringa bijvoorbeeld verscheen zo'n uitgave van Caesarion (2009) in 30 genummerde exemplaren in een band van boekbinder Pau Groenendijk. 

Het is een oude uitgeversstrategie die elk exemplaar van een oplage exclusief maakt. Maar het is dus een strategie die zeker een eeuw oud is. 
Kent u oudere voorbeelden?

[Foto's: Jos Uljee/Koninklijke Bibliotheek, Den Haag]

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen