zondag 14 februari 2016

93. Tentoongesteld: een andere verdeling van de wereld

In de tentoonstelling van Topstukken uit de KB-collectie is momenteel een boek van kunstenares Annesas Appel te zien: View on the world map 04: Entities (2013).



Annesas Appel (1978) is als kunstenaar gefascineerd door ordeningen, zoals die in een atlas. In de Bosatlas zijn landen geordend naar een Eurocentrisch gezichtspunt: eerst Nederland, dan Europa, dan de rest van de wereld. Appel haalt het systeem uit zulke ordeningen weg en vervangt die door haar eigen patroon. 

In dit geval werd elke provincie losgesneden uit de kaarten van de Bosatlas en alfabetisch per land gerangschikt. Elk land kreeg een eigen tint groen. 

Provincies zijn er in allerlei formaten – de onze zijn vrij klein – en uiteenlopende vormen – sommige vierkant, andere lijken op kleine wezens. Alsof het mineralen of uitgestorven vlinders zijn die door een verzamelaar zijn opgeprikt in een vitrine.

Hun associaties zijn weg, ze grenzen nergens meer aan. Het lijkt een heel andere wereld geworden en we kijken naar een andere planeet. 

Het gaat hier om de schoonheid en de willekeur van patronen.

De KB-catalogus geeft een volledige beschrijving van dit boek en van de andere boeken van Annesas Appel in de KB-collectie.

woensdag 10 februari 2016

92. Een vliegende drukkerij

Na een dagje onderzoek in het Nationaal Archief - op zoek naar drukkerijen op schepen - en aanvullend onderzoek in kranten via Delpher vond ik een verwijzing naar een vliegende drukkerij.

De Limburger Koerier van 30 april 1934 weet te melden dat het grootste vliegtuig ter wereld een Sovjettoestel is, de Maxim Gorki (genoemd naar de auteur). 


Limburger Koerier, 30 april 1934
Het was een propagandatoestel, zegt de krant, met 'een enorm sterken luidspreker, foto- en projectie-apparaten enz. Er is zelfs een kleine drukkerij aan boord'.

De radiozender aan boord werd de Stem van de Hemel genoemd; ook waren er volgens Wikipedia een donkere kamer voor het ontwikkelen van foto's, een filmprojector en een bibliotheek. De Nederlandstalige pagina van Wikipedia noemt geen drukkerij. Was er alleen maar een stencilmachine, of echt een klein drukpersje, met letterkasten en al, en dus ook een zetter/drukker? De Engelse pagina van Wikipedia vermeldt overigens wel dat er 'printing machinery' aan boord was, maar die noemt de bibliotheek dan weer niet.

Het tijdschrift Flight (9 augustus 1934) besteedde ook aandacht aan het vliegtuig en beschreef de exacte indeling van het toestel:

Van voren naar achteren waren er: een salon, de cockpit (er schuin boven, zoals op de foto te zien is), een passagierscabine, een kamer voor de radiozender, een kantoor voor de redactie, nog een ruimte voor passagiers met een café en buffet, een derde ruimte voor passagiers, de bioscoopzaal, een kamer met een microfoon en de radio-ontvanger, gevolgd door andere ruimtes voor de passagiers, bagageruimte en een wc. Er was ook een aparte ruimte ingericht voor de 'rotary press'; die was, net als de donkere kamer, ondergebracht in een van de vleugels. 

Maxim Gorki
De beschrijvingen van het vliegtuig maken niet duidelijk op wie die propaganda nu gericht was. Maar die was niet alleen bedoeld voor de bewoners van streken waarover het vliegtuig vloog - via de onderaan het toestel bevestigde luidspreker werden lezingen verzonden, maar ook muziek en nieuwsberichten, die tot op 3000 voet te horen zouden zijn. De propaganda was ook gericht op de passagiers in het vliegtuig. 

Popular Science Monthly (March 1935) wist te melden dat de drukpers speciaal voor het vliegtuig was ontworpen, en dat die per uur 10.000 exemplaren kon drukken van een geïllustreerde krant op het formaat van 40 bij 30 centimeter. Die werd niet tijdens de vlucht gedistribueerd, maar pas als het toestel weer was geland, wat toch een beetje een omslachtige, nutteloze indruk maakt. Maar ja, dat heb je met propaganda wel vaker.

Veel vlieguren heeft het vliegtuig niet kunnen maken. Al een jaar later was het betrokken bij een ongeluk tijdens een demonstratievlucht en stortte het neer in een woonwijk.

woensdag 3 februari 2016

91. Het onzichtbare boek tentoongesteld

In de tentoonstelling van Topstukken uit de KB-collectie is momenteel een onzichtbaar boek 'te zien'. Het gaat om The invisible book van kunstenares Elisabeth Tonnard.



Elisabeth Tonnard, The invisible book (2013) tentoongesteld in de KB

Elisabeth Tonnard (1973) publiceerde in 2012, eigenlijk uit ergernis, haar onzichtbare boek: The invisible book. 

De eerste editie werd in één klap opgekocht. Dit is een exemplaar van de tweede editie; de prijs was hetzelfde: nul euro. 

De koper heeft alleen een rekening om te bewijzen dat het boek in zijn bezit is. De prijzen van kunstenaarsboeken worden vaak te hoog gevonden en Tonnard maakte dit boek omdat mensen wel perfecte boeken eisen, maar er weinig voor willen betalen. 

Over dit boek kun je natuurlijk niet klagen. Het is moeilijk te zeggen wat er aan een onzichtbaar boek niet perfect is. Of had het wel iets dikker gemogen?

In een interview vertelde Tonnard dat ze alle mogelijke grappen erover al de revue heeft zien passeren.

De KB-catalogus bevat een keurige beschrijving van dit object.


vrijdag 29 januari 2016

90. Arnon Grunberg in de vitrine

In de tentoonstelling van Topstukken uit de KB-collectie is momenteel een zeldzame uitgave van Arnon Grunberg te bekijken: Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen (1998).


Arnon Grunberg, Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen (1998)

Sinds zijn verhuizing naar New York publiceerde Arnon Grunberg in die stad enkele uitgaven in gelimiteerde edities. Onder de uitgeversnamen zijn verdachte pseudoniemen, zoals Norman Bates (de moordenaar uit Psycho). 

De Nederlandse uitgever Pablo van Dijk strikte Grunberg voor zijn New Yorkse uitgeverij ‘Kunst Editions’, een naam, schreef Grunberg, ‘die mij zo dubieus in de oren klonk dat ik er vertrouwen in had’. 

In 1998 verschenen bij deze uitgever drie uitgaven over de 'Hoer C.'. Twee daarvan waren Kutgedicht en Klotegedicht en die waren beide opgedragen 'aan de eenzame ambitieuze Hoer C.'. Het derde heette: Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen. 

De oplagen zijn klein, de prijzen hoog. Van Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen verschenen zeven exemplaren.

De auteur zelf schreef in elk exemplaar de tekst op linnen dat op een spieraam is gespannen. Hij versierde het in viltstift. 

Lelijk kan ook duur zijn.

Het boek is beschreven in de catalogus van de KB, net als de andere werken van Grunberg.


donderdag 21 januari 2016

89. De Vlaamse dichter Max Elskamp als drukker

Op een veiling in België kon ik onlangs voor de KB een aantal uitgaven kopen van de curieuze jurist Charles Dumercy (1848-1934) over wie Henri-Floris Jespers in 2008 een bijzonder onderhoudend blog schreef. Hij noemde hem de 'Voltaire van de Antwerpse balie'. De man liep altijd op sloffen in een versleten pandjesjas, had een scherpe tong die om zijn boosaardigheid gevreesd werd en hij stond te boek als een formidabele vrek. De dichter Max Elskamp noemde hem een 'knorrige old boy' en deelde zijn interesse in bibliofilie en folklore.

Ensemble van uitgaven  van Charles Dumercy
Dumercy publiceerde tientallen uitgaven met aforismen en gedachten over de rechtspraak, zoals Facéties judiciaires (1894) en Exégèse biblique au point de vue du droit belge (1895). Zijn aforismen verschenen bijvoorbeeld in de bundels Flocons de neige (Sneeuwvlokken) en Nouveaux flocons de neige. 

'Zelfvertrouwen is een vorm van luiheid', schreef hij daarin. 

Deze twee bundels werden bijzonder gedrukt, de een in blauwgrijs, de ander in oranje. Dat gebeurde in 1906 en 1912 door J.-E. Buschmann. Ze werden uitgegeven door G. van Oest. Klinkende namen in de wereld van de bibliofilie rond 1900.

Maar om zijn juridische en andere wijsheden ging het ons niet. Zijn vriendschap met de dichter Elskamp (1862-1931) leidde ertoe dat die twee van Dumercy's bundels zou drukken op een eigen pers. Daardoor staat Elskamp nu bekend als de derde moderne private press van Vlaanderen, ná La Joyeuse van Henry van de Velde en de handpers van Julius de Praetere. Elskamp noemde zijn pers de Alouette (leeuwerik) en drukte op een kopieerpers, dat is een boekenpers die normaal tot het instrumentarium van een boekbinder behoort.

In tegenstelling tot Henry van de Velde drukte Elskamp niet zijn eigen werk en in tegenstelling tot De Praetere mikte hij niet op de hoge literatuur van Streuvels of Gezelle, maar gaf hij alleen twee schertsende bundeltjes van zijn vriend Dumercy uit.

Charles Dumercy, Petit vocabulaire de médecine judiciaire (1901)
Elskamp maakte zelf de houtsneden voor beide bundels. De eerste verscheen in 1901: Petit vocabulaire de médecine judiciaire. Voorin is, op de Franse wijze, het aantal gedrukte exemplaren vermeld met een decoratie in geelgroen, achter is zijn drukkersmerk afgedrukt.


Charles Dumercy, Petit vocabulaire de médecine judiciaire (1901)
Het tweede boekje was eigenlijk een protestuitgave tegen de afbraak van een wijk in Antwerpen: de Gans. Vandaar dat in het boekje wordt beweerd dat het in Gansopolis is gedrukt. De titel was: La vieille-boucherie et les aveugles (1902).

Charles Dumercy, La vieille-boucherie et les aveugles (1902)
De houtsneden achterin beelden enkele huizen in de wijk Gans af, voor en na de afbraak.


Charles Dumercy, La vieille-boucherie et les aveugles (1902)
Deze boekjes van de derde Vlaamse private press waren nog niet in een Nederlandse openbare instelling aanwezig, maar nu dus wel.

[Voor meer informatie over de Vlaamse private presses, zie:
Paul van Capelleveen, 'De William Morris van Vlaanderen? Belgische private presses rond 1900', in De Boekenwereld, (juli 2015), p. 52-57.]



vrijdag 15 januari 2016

88. A.A.M. Stols en boeken gedrukt op perkament

Boeken op perkament drukken (in plaats van papier) is niet makkelijk en het is natuurlijk ook kostbaar. Verzamelaars rond 1900 wilden boeken kopen die exclusief waren en als ze zich het konden veroorloven kozen ze voor exemplaren die waren gedrukt op perkament. De eerste moderne private press, de Kelmscott Press van William Morris, voorzag in die behoefte, al had Morris zelf er een hekel aan, maar goed, zaken zijn zaken. 



Arthur van Schendel, Angiolino en de lente (1923): gedrukt op perkament

De Nederlandse private presses zouden dat voorbeeld niet volgen. Misschien niet alleen vanwege de hoge materiaalkosten en het gebrek aan rijke Nederlandse bibliofielen, maar ook om technische redenen. Perkament is dierenhuid en reageert sterk op temperatuur- en luchtvochtigheidsverschillen. Bij het bedrukken van de achterzijde van het vel moet alles wel registeren en om alles precies op de goede plek te laten komen is lastig als het kwik in de thermometer en barometer op en neer gaan.

De eerste Nederlandse private press, De Zilverdistel, drukte dan ook niet op perkament. Toch werden er wel degelijk Nederlandse boeken op perkament gedrukt. In 1894 was bij Scheltema & Holkema's Boekhandel in Amsterdam bijvoorbeeld al een door M.A.J. Bauer en G.W. Dijsselhof versierde art-nouveau-editie verschenen. Van dit Franstalige verhaal, La jeunesse inaltérable et la vie éternelle, werden tien exemplaren op perkament gedrukt.


La jeunesse inaltérable et la vie éternelle (1894): gedrukt op perkament
De jonge uitgever A.A.M. Stols publiceerde in 1922 zijn eerste uitgave - er zouden er meer dan duizend volgen. Al in 1923 gaf hij een op perkament gedrukt boek uit; dat drukken deed hij niet zelf; het werd gedrukt door de familiefirma Boosten & Stols in Maastricht. Het betrof het vierde deel in de reeks Trajectum ad Mosam (Latijn voor Maastricht). Dit was een kort verhaal van Arthur van Schendel, Angiolino en de lente (1923). Er werden 180 exemplaren gedrukt op verschillende papiersoorten en acht op perkament. De KB bezit van beide edities een exemplaar. Het is goed te zien dat het registeren een enorm probleem was bij de exemplaren op perkament.


Arthur van Schendel, Angiolino en de lente (1923): gedrukt op papier (boven) en op perkament (onder)
Stols schreef in zijn herinneringen dat de typograaf Jan van Krimpen het perkament voor de exemplaren heeft geschuurd: 'Dat schuren luistert nauw en is nodig om het vettige perkament ontvankelijk te maken voor de drukinkt'. Van Krimpen had voor Stols een drukkersmerk getekend dat voor de eerste keer in de Van Schendel-uitgave werd gebruikt. 


Arthur van Schendel, Angiolino en de lente (1923): gedrukt op perkament
Datzelfde jaar had Van Krimpen voor zijn reeks Palladium ook exemplaren op perkament laten drukken, namelijk van Berbke, een verhaal van Frans Erens. Dat was ook meteen het enige deel op perkament in de reeks die liep van 1920 tot 1927. Wellicht dat Van Krimpen Stols op een idee bracht, of misschien andersom? Hoe dan ook, Berbke was in april 1923 gereed, Angioliono en de lente pas in juli.


Homer, Six hymns (1928): gedrukt op perkament
Er verschenen dertig delen in de Trajectum ad Mosam-reeks die Stols in 1930 beëindigde, maar van geen van die andere boekjes werden exemplaren op perkament gedrukt. Het zou tot 1926 duren voordat weer een boek op perkament werd gedrukt: Paul Valéry's Album de vers anciens. Je zou denken dat dit voor de Franse markt werd gedaan, maar van de acht andere Valéry-Stols uitgaven - allemaal uit datzelfde jaar! - werden geen exemplaren op perkament gedrukt. Het was kortom heel uitzonderlijk. 

In 1928 werd nog een boek op perkament gedrukt: D.G. Rossetti's, Hand and soul. Van de 361 exemplaren kwamen er zes beschikbaar op perkament. Dit was een deel van The Halcyon Press-reeks en daarin verschenen meer delen waarvan een stuk van de oplage op perkament werd gedrukt: Homer, Six hymns (1929) en Milton, The sonnets (1929). Deze delen werden gedrukt door J.W. Enschedé en Zonen in Haarlem onder leiding van Van Krimpen.

De KB bezit ook van Six hymns een exemplaar op papier én een op perkament. Ook dit is glad en zacht perkament, maar het is meer getekend, met gelige vlekken die wel vaker in perkamentvellen zitten. Het rood is in de perkamenten exemplaren wat schraler gedrukt.


Homer, Six hymns (1928): gedrukt op papier (boven) en perkament (onder)

Daarna verscheen nog maar één op perkament gedrukt boek bij Stols. Het werd door Boosten & Stols gedrukt. Initiatiefnemer was de bibliofiel Emile van der Borch, die zich permitteerde er een erfenis in hoog tempo doorheen te jagen (tot zijn moeder ingreep). Stols liet in zijn opdracht dertig exemplaren drukken van Deux poèmes door Arthur Rimbaud. Daarvan waren er twee op perkament.

Bij de meer dan duizend boeken die Stols uitgaf tussen 1923 en 1965 waren in totaal maar zes boeken waarvan exemplaren op perkament te koop waren. De luxe van de andere edities werd gezocht in fraaie papiersoorten, vaak Chinees, Japans of Engels en natuurlijk werd een hele reeks Nederlandse papieren gebruikt van Haesbeek, Van Gelder, Bührmann, Pannekoek en andere papierfabrieken. 
Ondanks het geringe aantal, moet wel gezegd worden dat Stols de enige was die in Nederland in die tijd meerdere boeken op perkament gedrukt uitgaf. Charles Nypels bijvoorbeeld liet wel boeken in perkament binden, maar ze werden er niet op gedrukt, en hetzelfde geld voor de private presses De Zilverdistel en de Kunera Pers.
Ook al zijn de uitgaven op perkament vaak schraal gedrukt op vlekkerig perkament, deze perkamenten edities sluiten goed aan bij de internationale aspiraties die Stols koesterde.


Homer, Six hymns (1928): gedrukt op perkament

zaterdag 5 december 2015

87. Tip: Meermanno

Stapel (niet heel) oude kranten doorgenomen en in Den Haag Centraal van 27 november vond ik Haagse tips van tentoonstellingsmaker Nicole Uniquole.

Behalve de gebruikelijke 'geheime' adressen van 'de beste koffie' en 'de beste 'kapper' staan er ook wat verrassende aanraders. Onder het kopje 'Ondergewaardeerd' lezen we:

'In de historische boekenkamer van Museum Meermanno zouden ze voortaan de foto met regeringsleiders moeten maken. Als ie in Londen stond, zou iedereen ernaartoe gaan.'

Goede tip!

Meteen uitvoerbaar ook als Nederland begin volgend jaar voorzitter van de Europese Unie is! Doen!

Caroline Ludwig, rubriek 'Ter plekke' met Nicole Uniquole in Den Haag Centraal, 27 november 2015