donderdag 10 maart 2016

95. Drukkers over de kunst van Toorop

In Den Haag is nu een grote tentoonstelling over Toorop te zien in het Gemeentemuseum Den Haag. 

Jan Toorop, achterzijde van de boekband voor Louis Couperus Psyche (1898)
Voor een artikel neem ik enkele jaargangen door van het Grafisch weekblad, 'het orgaan van den Algemeenen Nederlandschen Typografenbond' waarin met regelmaat ouderwets opruiende boodschappen werden verkondigd - en daarin kwam ik net iets over Toorop tegen in de aflevering van 31 oktober 1912:


Toorop en z'n kunst

Dit onderwerp werd de vorige week Woensdag, met lichtbeelden opgeluisterd, door den heer J.N. Collette behandeld. De Amsterdamsche C.v.M.W. opende met dezen avond het seizoen. Een 100-tal personen waren in het zaaltje van de N. Karseboom aanwezig.

C.v.M.W. was de Commissie van Maatschappelijk Werk, die op 17 oktober 1912 leden hadden uitgenodigd voor een 'Lichtbeeldenavond' in de Nieuwe Karseboom  in Amsterdam (ingang Amstelstraat). De lezing, 'Toorop en zijne kunst', werd gegeven door de kunstenaar Joan N.C. Collette (1899-1958) en zou met 'ongeveer 90 lichtbeelden' verhelderd worden. 

In een inleidend woord gaf de heer Collette in groote trekken aan wat kunst is, daarbij opmerkende, dat het genieten van kunst het leven mooier en rijker maakt.
Daarna gaf hij bij de talrijke lichtbeelden van Toorop's werk op bevattelijke wijze de noodige ophelderingen, hiermede de bezoekers practisch onderrichtende in het opmerken van het schoone. De spreker vestigde de aandacht op de ontwikkeling van Toorop's levensopvatting naar het Katholicisme, wat trouwens ook uit de vertoonde beelden wel duidelijk bleek.
Het wil mij voorkomen, dat de eerste reeks, uit Toorop's jongen tijd, de aanwezigen het meeste heeft aangegrepen. Er waren forsch-geteekende stukken bij, die een scherpe aanklacht tegen de mensch-onteerende maatschappelijke misstanden bevatten. Wij hebben echter gemist werken, waaruit ons zou kunnen blijken, dat de kunstenaar in dien tijd door de duisternis van den nacht reeds de schemering van een nieuwen dag zag lichten. Wij meenen in de afwezigheid van dat moed en hoopgevende inzicht de verklaring te vinden voor de geest van berusting, welke van zijn verder werk uitgaat.

Het stuk is ondertekend door Kl. Dat was Jac. Klunder, secretaris van de commissie. Met zijn analyse van de latere Toorop kunnen we hem alleen maar gelijk geven: de zoetsappigheid ervan is nog steeds schokkend.

vrijdag 19 februari 2016

94. Tentoongesteld: Onder de douche bij Gerard Reve

Bij de Topstukken in de tentoonstellingsruimte van de KB is momenteel een boekje van Hans Plomp te zien: Onder de douche bij Gerard.


Hans Plomp, Onder de douche bij Gerard (1985)

Tussen 1980 en 1987 drukte een loodgieter met literaire interesse samen met enkele vrienden een aantal uitgaven in zeer beperkte oplagen. De Literaire Loodgieters noemden ze zich. 

Niet alle voorgenomen uitgaven werden daadwerkelijk uitgevoerd. Het verhaal van Hans Plomp, Onder de douche bij Gerard was in 1983 al verschenen in Playboy. Voor de boekuitgave door de Literaire Loodgieters werd de tekst in oranje gedrukt en toen was het wachten op een omslagtekening door Joost Swarte. 

Kennelijk kwam die er niet. Het boekje werd in elk geval nooit voltooid; het is bij enkele proefdrukken gebleven. 

De Gerard uit de titel is natuurlijk de schrijver Gerard Reve, die volgens Plomp ‘twintig maal per dag moest klaarkomen’. Een modern sprookje dus.

De proefdruk, is net als alle andere uitgaven van De Literaire Loodgieters, beschreven in de catalogus van de KB.

zondag 14 februari 2016

93. Tentoongesteld: een andere verdeling van de wereld

In de tentoonstelling van Topstukken uit de KB-collectie is momenteel een boek van kunstenares Annesas Appel te zien: View on the world map 04: Entities (2013).



Annesas Appel (1978) is als kunstenaar gefascineerd door ordeningen, zoals die in een atlas. In de Bosatlas zijn landen geordend naar een Eurocentrisch gezichtspunt: eerst Nederland, dan Europa, dan de rest van de wereld. Appel haalt het systeem uit zulke ordeningen weg en vervangt die door haar eigen patroon. 

In dit geval werd elke provincie losgesneden uit de kaarten van de Bosatlas en alfabetisch per land gerangschikt. Elk land kreeg een eigen tint groen. 

Provincies zijn er in allerlei formaten – de onze zijn vrij klein – en uiteenlopende vormen – sommige vierkant, andere lijken op kleine wezens. Alsof het mineralen of uitgestorven vlinders zijn die door een verzamelaar zijn opgeprikt in een vitrine.

Hun associaties zijn weg, ze grenzen nergens meer aan. Het lijkt een heel andere wereld geworden en we kijken naar een andere planeet. 

Het gaat hier om de schoonheid en de willekeur van patronen.

De KB-catalogus geeft een volledige beschrijving van dit boek en van de andere boeken van Annesas Appel in de KB-collectie.

woensdag 10 februari 2016

92. Een vliegende drukkerij

Na een dagje onderzoek in het Nationaal Archief - op zoek naar drukkerijen op schepen - en aanvullend onderzoek in kranten via Delpher vond ik een verwijzing naar een vliegende drukkerij.

De Limburger Koerier van 30 april 1934 weet te melden dat het grootste vliegtuig ter wereld een Sovjettoestel is, de Maxim Gorki (genoemd naar de auteur). 


Limburger Koerier, 30 april 1934
Het was een propagandatoestel, zegt de krant, met 'een enorm sterken luidspreker, foto- en projectie-apparaten enz. Er is zelfs een kleine drukkerij aan boord'.

De radiozender aan boord werd de Stem van de Hemel genoemd; ook waren er volgens Wikipedia een donkere kamer voor het ontwikkelen van foto's, een filmprojector en een bibliotheek. De Nederlandstalige pagina van Wikipedia noemt geen drukkerij. Was er alleen maar een stencilmachine, of echt een klein drukpersje, met letterkasten en al, en dus ook een zetter/drukker? De Engelse pagina van Wikipedia vermeldt overigens wel dat er 'printing machinery' aan boord was, maar die noemt de bibliotheek dan weer niet.

Het tijdschrift Flight (9 augustus 1934) besteedde ook aandacht aan het vliegtuig en beschreef de exacte indeling van het toestel:

Van voren naar achteren waren er: een salon, de cockpit (er schuin boven, zoals op de foto te zien is), een passagierscabine, een kamer voor de radiozender, een kantoor voor de redactie, nog een ruimte voor passagiers met een café en buffet, een derde ruimte voor passagiers, de bioscoopzaal, een kamer met een microfoon en de radio-ontvanger, gevolgd door andere ruimtes voor de passagiers, bagageruimte en een wc. Er was ook een aparte ruimte ingericht voor de 'rotary press'; die was, net als de donkere kamer, ondergebracht in een van de vleugels. 

Maxim Gorki
De beschrijvingen van het vliegtuig maken niet duidelijk op wie die propaganda nu gericht was. Maar die was niet alleen bedoeld voor de bewoners van streken waarover het vliegtuig vloog - via de onderaan het toestel bevestigde luidspreker werden lezingen verzonden, maar ook muziek en nieuwsberichten, die tot op 3000 voet te horen zouden zijn. De propaganda was ook gericht op de passagiers in het vliegtuig. 

Popular Science Monthly (March 1935) wist te melden dat de drukpers speciaal voor het vliegtuig was ontworpen, en dat die per uur 10.000 exemplaren kon drukken van een geïllustreerde krant op het formaat van 40 bij 30 centimeter. Die werd niet tijdens de vlucht gedistribueerd, maar pas als het toestel weer was geland, wat toch een beetje een omslachtige, nutteloze indruk maakt. Maar ja, dat heb je met propaganda wel vaker.

Veel vlieguren heeft het vliegtuig niet kunnen maken. Al een jaar later was het betrokken bij een ongeluk tijdens een demonstratievlucht en stortte het neer in een woonwijk.

woensdag 3 februari 2016

91. Het onzichtbare boek tentoongesteld

In de tentoonstelling van Topstukken uit de KB-collectie is momenteel een onzichtbaar boek 'te zien'. Het gaat om The invisible book van kunstenares Elisabeth Tonnard.



Elisabeth Tonnard, The invisible book (2013) tentoongesteld in de KB

Elisabeth Tonnard (1973) publiceerde in 2012, eigenlijk uit ergernis, haar onzichtbare boek: The invisible book. 

De eerste editie werd in één klap opgekocht. Dit is een exemplaar van de tweede editie; de prijs was hetzelfde: nul euro. 

De koper heeft alleen een rekening om te bewijzen dat het boek in zijn bezit is. De prijzen van kunstenaarsboeken worden vaak te hoog gevonden en Tonnard maakte dit boek omdat mensen wel perfecte boeken eisen, maar er weinig voor willen betalen. 

Over dit boek kun je natuurlijk niet klagen. Het is moeilijk te zeggen wat er aan een onzichtbaar boek niet perfect is. Of had het wel iets dikker gemogen?

In een interview vertelde Tonnard dat ze alle mogelijke grappen erover al de revue heeft zien passeren.

De KB-catalogus bevat een keurige beschrijving van dit object.


vrijdag 29 januari 2016

90. Arnon Grunberg in de vitrine

In de tentoonstelling van Topstukken uit de KB-collectie is momenteel een zeldzame uitgave van Arnon Grunberg te bekijken: Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen (1998).


Arnon Grunberg, Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen (1998)

Sinds zijn verhuizing naar New York publiceerde Arnon Grunberg in die stad enkele uitgaven in gelimiteerde edities. Onder de uitgeversnamen zijn verdachte pseudoniemen, zoals Norman Bates (de moordenaar uit Psycho). 

De Nederlandse uitgever Pablo van Dijk strikte Grunberg voor zijn New Yorkse uitgeverij ‘Kunst Editions’, een naam, schreef Grunberg, ‘die mij zo dubieus in de oren klonk dat ik er vertrouwen in had’. 

In 1998 verschenen bij deze uitgever drie uitgaven over de 'Hoer C.'. Twee daarvan waren Kutgedicht en Klotegedicht en die waren beide opgedragen 'aan de eenzame ambitieuze Hoer C.'. Het derde heette: Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen. 

De oplagen zijn klein, de prijzen hoog. Van Ze stond daar verdomme mooi de stralende hoer C. te wezen verschenen zeven exemplaren.

De auteur zelf schreef in elk exemplaar de tekst op linnen dat op een spieraam is gespannen. Hij versierde het in viltstift. 

Lelijk kan ook duur zijn.

Het boek is beschreven in de catalogus van de KB, net als de andere werken van Grunberg.


donderdag 21 januari 2016

89. De Vlaamse dichter Max Elskamp als drukker

Op een veiling in België kon ik onlangs voor de KB een aantal uitgaven kopen van de curieuze jurist Charles Dumercy (1848-1934) over wie Henri-Floris Jespers in 2008 een bijzonder onderhoudend blog schreef. Hij noemde hem de 'Voltaire van de Antwerpse balie'. De man liep altijd op sloffen in een versleten pandjesjas, had een scherpe tong die om zijn boosaardigheid gevreesd werd en hij stond te boek als een formidabele vrek. De dichter Max Elskamp noemde hem een 'knorrige old boy' en deelde zijn interesse in bibliofilie en folklore.

Ensemble van uitgaven  van Charles Dumercy
Dumercy publiceerde tientallen uitgaven met aforismen en gedachten over de rechtspraak, zoals Facéties judiciaires (1894) en Exégèse biblique au point de vue du droit belge (1895). Zijn aforismen verschenen bijvoorbeeld in de bundels Flocons de neige (Sneeuwvlokken) en Nouveaux flocons de neige. 

'Zelfvertrouwen is een vorm van luiheid', schreef hij daarin. 

Deze twee bundels werden bijzonder gedrukt, de een in blauwgrijs, de ander in oranje. Dat gebeurde in 1906 en 1912 door J.-E. Buschmann. Ze werden uitgegeven door G. van Oest. Klinkende namen in de wereld van de bibliofilie rond 1900.

Maar om zijn juridische en andere wijsheden ging het ons niet. Zijn vriendschap met de dichter Elskamp (1862-1931) leidde ertoe dat die twee van Dumercy's bundels zou drukken op een eigen pers. Daardoor staat Elskamp nu bekend als de derde moderne private press van Vlaanderen, ná La Joyeuse van Henry van de Velde en de handpers van Julius de Praetere. Elskamp noemde zijn pers de Alouette (leeuwerik) en drukte op een kopieerpers, dat is een boekenpers die normaal tot het instrumentarium van een boekbinder behoort.

In tegenstelling tot Henry van de Velde drukte Elskamp niet zijn eigen werk en in tegenstelling tot De Praetere mikte hij niet op de hoge literatuur van Streuvels of Gezelle, maar gaf hij alleen twee schertsende bundeltjes van zijn vriend Dumercy uit.

Charles Dumercy, Petit vocabulaire de médecine judiciaire (1901)
Elskamp maakte zelf de houtsneden voor beide bundels. De eerste verscheen in 1901: Petit vocabulaire de médecine judiciaire. Voorin is, op de Franse wijze, het aantal gedrukte exemplaren vermeld met een decoratie in geelgroen, achter is zijn drukkersmerk afgedrukt.


Charles Dumercy, Petit vocabulaire de médecine judiciaire (1901)
Het tweede boekje was eigenlijk een protestuitgave tegen de afbraak van een wijk in Antwerpen: de Gans. Vandaar dat in het boekje wordt beweerd dat het in Gansopolis is gedrukt. De titel was: La vieille-boucherie et les aveugles (1902).

Charles Dumercy, La vieille-boucherie et les aveugles (1902)
De houtsneden achterin beelden enkele huizen in de wijk Gans af, voor en na de afbraak.


Charles Dumercy, La vieille-boucherie et les aveugles (1902)
Deze boekjes van de derde Vlaamse private press waren nog niet in een Nederlandse openbare instelling aanwezig, maar nu dus wel.

[Voor meer informatie over de Vlaamse private presses, zie:
Paul van Capelleveen, 'De William Morris van Vlaanderen? Belgische private presses rond 1900', in De Boekenwereld, (juli 2015), p. 52-57.]