woensdag 4 maart 2020

265. De Wereldbibliotheek in vele varianten

Van de populaire uitgaven van uitgeverij De Wereldbibliotheek bestaan vele varianten. De uitgeverij werd opgericht door Leo Simons in 1905 en droeg aanvankelijk de naam Maatschappij voor Goede en Goedkoope Lectuur. Simons leerde het vak in Londen en bracht het nu in de praktijk met goedkope uitgaven die voor “iedereen” geschikt waren. Een sterk staaltje socialistische volksopvoeding.  

C. en M. Scharten-Antink, De nar uit de Maremmen. III: Naar de eeuwige stad (1929)
De uitgeverij bracht boeken uit van Goethe en Dante, maar ook van Betje Wolff en Aagje Deken, Multatuli en Vondel. Daarnaast verschenen titels over specifieke onderwerpen, zoals De ontwikkeling en de oorsprong van de taal. Allemaal in hetzelfde formaat, op goedkoop papier, maar met modieus gedecoreerde omslagen en titelpagina's die herinneren aan de uitgaven van de Engelse kunstenaar William Morris.   

De KB bezit een uitgebreide collectie van De Wereldbibliotheek, mede dankzij de verzameldrift van A.W.J. Remmerswaal uit Den Haag; hij was boekbinder- en restaurator bij de KB en nogal een karakter. Hij haalde de krant door te protesteren tegen het voorgenomen huwelijk van Prinses Beatrix en Prins Claus (zie bijvoorbeeld De Volkskrant, in Delpher). Remmerswaal was amateurfotograaf en maakte ook enkele filmpjes van de Haagse binnenstad voordat die voor nieuw- en hoogbouw werd gesloopt en een filmpje uit 1961 over het transportsysteem voor aanvragen en boeken in de KB (destijds aan het Voorhout). Hij verzamelde ook ansichtkaarten.
Dante’s Louteringsberg (1913): ingenaaid in papieren omslag en gebonden in halflinnen
Uitgaven werden aan het begin van de twintigste eeuw niet meteen gebonden; dat gebeurde in verschillende partijen, als er vraag was naar een titel, bijvoorbeeld voorafgaand aan de feestdagen in december. De binder gebruikte dan vaak verschillende materialen. Twee collecties in de KB getuigen van die bandvarianten: de verzameling werken van Louis Couperus én de uitgaven van de Wereldbibliotheek. Zo’n collectie geeft een tijdsbeeld en brengt de praktijk van kleine bindpartijen in beeld.


Twee exemplaren van B.G. Escher, De gedaanteveranderingen onzer aarde (1916)



Auteursnaam en titel op voorplat:
uitgelijnd (boven) en vanuit het hart gezet (onder)
De edities verschenen in een papieren omslag, een halflinnen of een linnen band en daarbij kunnen verschillende kleuren gebruikt zijn voor het materiaal en voor de bestempeling met teksten en afbeeldingen.   

Vaak verschillen de schutbladen (afwijkende sierpapieren), de titels werden opnieuw gezet uit een andere letter of anders vormgegeven; de rug vermeldt wel of geen nummer of jaartal. Het uitgeversvignet is de ene keer groter dan de andere. Bij het ene exemplaar wordt de prijs op het omslag vermeld, bij het andere niet. En zo voort. De verschillen zijn legio. Er waren voor veel titels verschillende bindpartijen.     

Sommige bandontwerpen zijn gesigneerd door HH [Herman Hana] of P.H. Praag. 

Onlangs zijn de laatste exemplaren uit de collectie van Remmerswaal geïnventariseerd. Nadat de collectie grotendeel gecatalogiseerd was bleven circa zeven meter dubbele titels over. Die zijn de afgelopen jaren stuk voor stuk bekeken op grote en kleine verschillen in de uitvoering - en daarbij kwamen de getoonde en nog vele andere varianten te voorschijn. De collectie neemt nu meer dan vijfenveertig strekkende meter boekenplank in beslag.


Twee exemplaren van O. Jespersen, De ontwikkeling en de oorsprong van de taal (1928):
auteursnaam en titel in verschillende corpsen (kleinere en grotere letters)


Twee exemplaren van O. Jespersen, De ontwikkeling en de oorsprong van de taal (1928):
uitgeversmerk in verschillende groottes

O. Jespersen, De ontwikkeling en de oorsprong van de taal (1928):
witte schutbladen, bedrukt in oranje, en groene schutbladen, bedrukt in grijs
De afgebeelde selectie is enige tijd te zien in de vitrine bij de ingang van de leeszaal Bijzondere Collecties van de KB.

zaterdag 29 februari 2020

264. Robbin Ami Silverberg Tentoonstelling New York

Op 13 februari was ik even in New York voor de kunstenaars-presentatie van de tentoonstelling met boeken en installaties van Robbin Ami Silverberg. Daarbij werd namelijk een oeuvrecatalogus gepresenteerd waarvoor ik een van de drie inleidingen schreef. Ik heb geprobeerd het verband tussen haar boeken en installaties te doorgronden.


Affiche voor de tentoonstelling van Robbin Ami Silverberg (New York, 2020)
Het is dit jaar een jubileum voor de kunstenaar - van wie ook werk is opgenomen in de collectie van de KB (onder andere in de Collectie Koopman) en in Het Huis voor het Boek. Dertig jaar geleden begon zij haar atelier, papierstudio en uitgeverij Dobbin Books in een oude paardenstal in Greenpoint, Brooklyn. In die dertig jaar maakte zij vijfentwintig boeken met andere kunstenaars, zestig eigen edities, vijfenvijftig unica en twintig boek-installaties. Behalve in Den Haag is werk van haar op honderddertig locaties te vinden.

Boek-installatie op de trappen van het Pratt  Institute Libraries
De tentoonstelling is groot, het boek prachtig: een oblong catalogus met 164 pagina's, talloze kleurenfoto's, ontworpen door Teodóra Hübner.





Thirty Years Thirty Books. Read Me. Like A Book.
30 Years of Dobbin Books. Robbin Ami Silverberg
(2020)
De foto's zijn gemaakt door de ontwerpster en tonen veel pagina's, maar ook details die papier en bewerking ervan door de kunstenaar heel dicht bij brengen. De oplagen van de boeken zijn (vanwege de intense arbeid die ervoor nodig is) vaak heel klein, soms maar vijf tot tien exemplaren.

Overzicht van de tentoonstellingsruimte

De tentoonstelling als geheel is een installatie, die behalve vitrines met boeken en objecten op drie verdiepingen van het bibliotheekgebouw ook een "posting wall" bevat, een reeks uitspraken over boeken, eigenlijk een manifest, uitgespreid over de traptreden in het monumentale trapportaal én een aantal speciaal op maat gemaakte kleine vitrines die zijn ingebouwd tussen de boeken in de open opstelling van de bibliotheek naast het trapportaal. Die "stacks" zijn heel bijzonder, ingericht door Tiffany's, met metalen relingen en glas - de boekenkasten vormen op zeven verdiepingen boven elkaar één geheel, gescheiden door matglazen vloeren, met open gleuven waardoor je naar boven en beneden kunt kijken.



Vitrine in de "stacks" van de bibliotheek
Thema's zijn: de werking van herinneringen, het in kaart brengen van het leven, de ruimte tussen de regels, lezen als veranderingsproces, vrouwenrechten en de taal van de misogynie. Ze komen uitgebreid aan bod in de tentoonstelling en dat levert verrassende beelden op, want ook borstels en spoelen worden tot boek gemaakt.



Misogyne woorden op spoelen
Voor verschillende projecten - onder andere de installatie "Home Sweet Home" - zocht Silverberg spreekwoorden en gezegdes uit diverse talen bij elkaar: allemaal, linksom of rechtsom, denigrerende opmerkingen over vrouwen. Ze heeft die zinnen en woorden tot lange stroken papier aaneen geregen en om oude weefspoelen gewikkeld. 



Spoelen met misogyne teksten
Dat levert prachtige objecten op die bij nader onderzoek nare boodschappen verkondigen. Ze zijn vanwege de glazen wanden van de vitrines moeilijk te fotograferen. Mooie foto's zijn te vinden in het boek en op de website van Robbin Ami Silverberg.

Voor wie in New York is: probeer een bezoek te brengen. Dat kan tot 9 april. Loop dan langzaam de trappen op en zie dat de teksten daarop je in omgekeerde volgorde tegemoet komen met statements.






Pratt Institute, traptreden met uitspraken door Robbin Ami Silverberg
De uitspraken zijn gedrukt op een ondergrond met fragmenten van de metro- en buslijnen van New York, daar waar vele voetstappen van de kunstenares liggen. Lopen, denken, verkennen, lezen en leven liggen dicht bij elkaar en gaan in elkaar over.

donderdag 27 februari 2020

263. Stemmen uit de oorlog (2): propaganda en rouwannonces

Deze maanden is in de tentoonstellingsruimte van de KB een selectie boeken, pamfletten, kranten en archivalia rond oorlog en bevrijding tentoongesteld - hier laat ik af en toe iets zien. (Zie ons overzicht van webpagina's over de oorlog.)

"Stemmen uit de oorlog". Daaronder zijn bijvoorbeeld stemmen van de illegale pers en van de geallieerden.

In het midden van de oorlog slaagde de geallieerde luchtmacht er in om internationaal nieuws te verspreiden. Vliegtuigen vol bommen op weg naar Duitse steden strooiden vanaf mei 1943 De Vliegende Hollander uit boven Nederland. Deze anti-Duitse propaganda berichtte in juni 1944 over de invasie in Normandië, in oktober werd de opmars van het Russische leger gemeld en de strijd tegen de Japanners op de Philippijnen. Ook verschenen er nu vaker satirische publicaties. Kort voor de bevrijding van Utrecht bijvoorbeeld sierde een dodelijke tovenaar het omslag van zo’n boekje. In de bevrijdingsweken kwamen er namaak-rouwannonces over de dood van Hitler (“oud- schilder”).


Mosquito. Februari 1945 (1945)
Mosquito was een boekje van Het Stichtse Pepertje uit Utrecht, een groepering die enkele protestteksten uitgaf en liet illustreren door Andries Frederiks (1907-1999), die als pseudoniem Tijl gebruikte.


Quasi-overlijdensannonce over Hitler (1945)
In de annonce over Adolf Hitler wordt de spot gedreven met de 'beroepsmisdadiger', en om het af te maken: 'oud-schilder'.

Zie voor eerdere en latere afleveringen het overzicht op:
Stemmen uit de Oorlog (1)

maandag 17 februari 2020

262. Rembrandt in Isotype

Niet elk jaar is een Rembrandtjaar, maar elk jaar verschijnen er boeken over Rembrandt. Het jaar 1938 bijvoorbeeld was geen kroonjaar voor de schilder die in 1606 werd geboren en in 1669 stierf. Toch kwam er dat jaar een tentoonstelling over Rembrandt in de winkels van De Bijenkorf in Amsterdam, Den Haag en Rotterdam. Daarbij verscheen een bijzondere Rembrandt-uitgave, namelijk Rondom Rembrandt.

Rondom Rembrandt (1938)
De tentoonstelling in 1938 had met andere feestelijkheden te maken, namelijk het regeringsjubileum van koningin Wilhelmina. Er werden geen tekeningen, etsen, schilderijen en zelfs geen reproducties daarvan getoond, maar statistieken waarmee visuele antwoorden werden gegeven op vragen als: hoe ontwikkelden Leiden en Amsterdam zich tijdens Rembrandts leven? Hoe werd Rembrandt door zijn tijdgenoten gewaardeerd? Hoe veranderde zijn techniek? De antwoorden werden gegeven door middel van de "beeldpaedagogische Isotype-afbeeldingen", gemaakt door de International Foundation for Visual Education.

Rondom Rembrandt (1938)
De Haagsche Courant vond het een van de merkwaardigste en interessantste tentoonstellingen sinds jaren. In september was de tentoonstelling te zien in Den Haag (waar die wegens succes werd verlengd), vervolgens kwam de expositie in oktober naar Rotterdam en verhuisde die eind oktober naar Amsterdam - toen hadden al tienduizend bezoekers de tentoonstelling bezichtigd.

De Isotypie - Isotype is de afkorting voor International System Of TYpogra phic Picture Education - werd bedacht door Otto Neurath (1882-1945) en paste bij de functionele en minimalistische beeldtaal van die tijd. Neurath was in 1934 uit Wenen gevlucht en zette er in Den Haag de International Foundation for Visual Education op. In 1940 vluchtte hij opnieuw, naar Oxford.

Rondom Rembrandt (1938)
Hoe de schilderijen van Rembrandt zijn verdeeld over Nederlandse collecties wordt getoond met een kaart waarop per plaats is aangegeven hoeveel schilderijen er zich bevinden. Schilderijen uit de Leidse periode zijn gesymboliseerd met een groene rechthoek; die uit de periode 1632-1642 zijn rood; die uit 1642-1652 blauw en de schilderijen uit zijn laatste jaren zijn in bruin aangeduid.



Rondom Rembrandt (1938)
Aardige pictogrammen zijn ook bedacht voor de onderwerpen van de schilderijen van Rembrandt die worden vergeleken met die van Rubens. Schilderde de tweede veel altaarstukken en mythologische thema's, Rembrandt legde zich toe op portretten.

De cijfers zijn inmiddels achterhaald, maar de presentatie is nog altijd fris en aantrekkelijk.
[Het KB-exemplaar heeft als aanvraagnummer: 12044926.] 

vrijdag 7 februari 2020

261. Pieter de Hooch en het Gildeboek

Nog een weekje is de tentoonstelling over Pieter de Hooch te zien in Delft. Er ligt ook een handschrift uit de KB-collectie, namelijk het tweede meesterboek van het St. Lucasgilde met de aantekeningen over Pieter de Hooch.


Meesterboek van het St. Lucasgilde (Collectie KB)
Het boek bevat aantekeningen over schilders, maar er waren ook andere leden, zoals op de openliggende pagina's in de tentoonstelling te zien is. Er worden bijvoorbeeld enkele boekbinders genoemd - andere beroepen waren: schilders van stoelen, tapijtwevers, graveurs, drukkers en boekhandelaren.

dinsdag 4 februari 2020

260. Stemmen uit de oorlog (1): de verzameling van een parapsycholoog

"Stemmen uit de oorlog" is de huidige topstukkententoonstelling van de KB - online tonen we een aantal van de stukken uit de vitrines. Elke week volgt een nieuwe aflevering.

Stemmen uit de oorlog (10): bevrijdingsfeesten
Stemmen uit de oorlog (9): het "gewone" dagelijkse leven
Stemmen uit de oorlog (8): mooie foute posters.
Stemmen uit de oorlog (7): bevrijdingsvlaggen.
Stemmen uit de oorlog (6): schuilnamen en nepjaartallen.
Stemmen uit de oorlog (5): de lockdown matroesjka.
Stemmen uit de oorlog (4): vrije en onvrije kranten.
Stemmen uit de oorlog (3): kleuren van de oorlog.
Stemmen uit de oorlog (2): propaganda en rouwannonces.

Hieronder volgt 
Stemmen uit de oorlog (1): de verzameling van een parapsycholoog

Ik mocht voor deze tentoonstelling de selectie maken, en kon dat doen op basis van een lijst van verschillende groeperingen die voor, tijdens en na de Tweede Wereldoorlog hun stem lieten horen: exil-auteurs die uit Duitsland waren gevlucht in de jaren dertig, dagboekschrijvers tijdens de oorlog, Joodse onderduikers, NSB'ers, Engelandvaarders, de Duitse bezetter, illegaal publicerende dichters, en zo voort. 

De Grebbeberg, 1940 (foto)
Het zijn niet allemaal boeken, pamfletten of kranten. De KB bezit ook oorlogsaffiches, handgeschreven brieven en dagboeken en archivalia zoals een foto van De Grebbeberg tijdens de eerste oorlogsdagen in 1940. Ze werden vrijwel meteen na de oorlog opgenomen in de KB-collectie.

Benzinebonnen

Na de oorlog werden allerlei oorlogspublicaties verzameld. Ook de KB heeft verzamelingen efemeer materiaal. Doos “258 B 23” bijvoorbeeld bevat een foto van de gevechten op de Grebbeberg, een mededeling van de Duitse bezetter om geen “weerstand” meer te bieden (1940) en een oproep van NSB-hoofd Mussert om anti-Duitse sentimenten weg te poetsen (1941). De verzamelaar hiervan was parapsycholoog George Zorab: in juli 1940 ontving hij bonnen voor brandstof voor zijn auto, in juli 1942 werd hij er op gewezen dat Joden voortaan uitgesloten waren van telefoonverkeer en ook kreeg Zorab opdracht om Duitsers huisvesting én voeding te verlenen. 

Na heropening weer te zien bij de KB.


maandag 13 januari 2020

259. Vormgeving door J.F. van Royen (De Zilverdistel)

J.F. van Royen die vanaf de Eerste Wereldoorlog de volledige zeggenschap kreeg over De Zilverdistel en die echt een private press werd toen een drukpers bij hem het Haagse huis werd ingetakeld gaf af en toe een boekje voor anderen vorm, op verzoek. Zulke boekjes drukte hij dan niet zelf, maar verwantschap met de uitgaven van De Zilverdistel is er wel zeker. Dat werk deed hij doorgaans anoniem, waardoor het moeilijk is om voorbeelden te vinden.
Henri Marcella, Algemeene bepalingen van wetgeving voor Nederlandsch-Indië (1913) [fragment]
In 1913 gaf Van Royen aanwijzingen voor het zetwerk van Henri Marcella's proefschrift Algemeene bepalingen van wetgeving voor Nederlandsch-Indië. In oktober correspondeerde ik kort met Nick ter Wal van Antiquariaat Artistiek Bureau over dit soort door Van Royen vormgegeven boeken. Hij wilde graag weten of daarvan een lijst bestond. Nou nee dus, het werk is ook vrijwel altijd anoniem gedaan en meestal valt alleen uit brieven of archiefnotities op te maken dat Van Royen erbij betrokken was.

Zijn belangstelling was natuurlijk gewekt omdat hij precies zo'n boekje had gevonden. De KB bezat daarvan al een (herbonden) exemplaar, maar het exemplaar met bewijslast bevindt zich nu ook in de collectie. Het gaat om een postume uitgave van een classica, Louise H. Benschop-Greve's editie van Plutarchus Leven van Philopoimen (1918). [Een exemplaar is digitaal beschikbaar via Delpher.]


Plutarchus' Leven van Philopoimen (1918)
Dit nu opgedoken exemplaar komt uit de verzameling van Vloemans wiens exlibris in het boek is geplakt. Dat is gedateerd 1925. Het zou kunnen gaan om Antoon Vloemans (1898-1982), een uit Antwerpen afkomstige filosoof die na studies te Gent, Göttingen, Berlijn en Marburg in Wassenaar en later Den Haag neerstreek. Hij schreef cultuurhistorische boeken met een antropologische grondslag over oosterse filosofie, Spinoza, Nietzsche en een van zijn boeken heet De zin van het leven. Toen het Plutarchus boekje verscheen woonde hij nog niet in het Haagse - hij promoveerde enkele jaren pas in Göttingen en het is dan ook onwaarschijnlijk dat hij de eerste bezitter ervan is geweest. Aangezien de voorletters van Vloemans niet op het exlibris staan is onzeker of het om hem gaat natuurlijk.

Hoe dan ook, het begeleidende briefje maakt dit exemplaar interessant en helaas is niet bekend aan wie het gericht is: 'Hooggeachte Heer' is de aanvang. De datum is 22 juni 1918, dezelfde datum als de ondertekening van het voorwoord in het boek.


Briefje en voorwoord van W.J.M. Benschop in Plutarchus' Leven van Philopoimen (1918)
Daarin vertelt W.J.M. Benschop dat zijn echtgenote haar vertaling van Plutarchus niet heeft kunnen voltooien en dat hij dat aan de hand van haar laatste aantekeningen heeft gedaan. In het briefje vraagt hij zich af of de vertaling een ruimer publiek verdient, 'goedkooper gedrukt'. Want nu zijn er slechts vijftig exemplaren gedrukt:

Thans zijn slechts een 50 tal exemplaren gedrukt, welke ik aan familie & kennissen ten geschenke geef. De uitvoering (verzorging) van het boekje heb ik speciaal te danken aan mijn tegenwoordigen chef, Mr. v. Royen.


Brief van W.J.M. Benschop (1918) en pagina uit Plutarchus' Leven van Philopoimen (1918)
Van Royen heeft dit boekje van 61 pagina's een vorm gegeven die sterk verwant is aan de uitgaven van De Zilverdistel, met een eenvoudige titelpagina en hoofdstukaanduidingen in de buitenmarges, gedrukt in rood. De initiaal "P" op de eerste tekstpagina is wat afwijkend. Deze is ontworpen door S.H. de Roos en was bij Lettergieterij "Amsterdam" te koop als onderdeel van een serie initialen bij de Hollandsche Mediaeval. De tekst is niet gezet uit de Hollandsche Mediaeval.




Begin en slot van Plutarchus' Leven van Philopoimen (1918)
In zijn brief schrijft Benschop dat hij Van Royen kent door zijn beroep:

Mijn bureauwerk geeft mij thans bevrediging. Wij hebben een besten Directeur-Generaal en de heer v. Royen heeft aan mijn werkzaamheden een groote verandering gegeven. Helaas dat mijn vrouw die niet heeft mogen beleven!

Benschop was per 1 februari 1917 adjunct-commies bij de twaalfde afdeling Kabinet, archief en secretarie van het hoofdbestuur van de posterijen en telegrafie, waarvan sinds 1913 Jhr. G.A.A. Alting van Geusau de directeur-generaal was. Van Royen was in 1917 tot Adminstrateur benoemd, na de directeur-generaal het hoogste ambt.

De vrouw van Benschop, Louise Henriette Greve overleed op 31 augustus 1916 in de leeftijd van 39 jaar. Ze was geboren in Nijmegen op 22 februari 1877. 
(Terzijde, voor de genealogen onder ons: haar ouders waren Louis Antonius Greve [1828-1879] en Henriette Maria Cornelie Snellen [1840-1920]); de overlijdensannonces in de Bredasche Courant en de Nieuwe Rotterdamsche Courant van 2 september 1916 bevatten als adres Danckertstraat 8 in Den Haag, het adres van haar moeder, de weduwe L.A. Greve-Snellen.)



Op 22 juni 1901 was Louise Henriette in Den Haag getrouwd met de toen 28-jarige "industrieel" Wilm Johan Marius Benschop (geboren in Zwolle op 20 april 1873). Hij zou zijn weduwe lang overleven en overleed op 20 juni 1963. In 1918 publiceerde hij (met H. Icke) een studie over de recente ontwikkelingen bij de PTT: Een korte geschiedenis van het Hoofdbestuur der Posterijen en Telegraphie ter herdenking van zijn 25-jarig bestaan 1893-1918. Artikelen over dat onderwerp zou hij tot kort voor zijn overlijden schrijven. In zijn jonge jaren schreef hij een novelle Bertha (1894). Er zijn brieven van hem aan verschillende uitgevers bekend. Als oud-hoofdcommies bij het Hoofdbestuur der P.T.T. werd hij in 1947 onderscheiden met als Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. Volgens het naslagwerk van Pieter Scheen (Lexicon Nederlandse beeldende kunstenaars : 1750-1950) was hij ook kunstschilder.

Maar het was dus als collega bij de PTT dat Van Royen het boekje met Plutarchus' tekst heeft vormgegeven.